Poster – Double Healix DNA van Duurzaamheid


* Verklarende woordenlijst bij de poster van niveau 6 in het Double Healix model: DNA van Duurzaamheid:


Appreciative inquiry:
methode van open vragen stellen om mensen en organisaties te helpen hun toekomst vorm te geven.

Bezielde zakelijkheid: Zonder bezieling blijven alleen de materie en harde zakelijkheid over en lopen we het risico dat we gewetenloos onze medemensen, de dieren, de planten en de bodem tot onze slaven maken. De overbrugging tussen materie/zakelijkheid en geest vraagt om gewetensvol rentmeesterschap. Als we kennis en dieper weten verzoenen, komen we tot morele wijsheid.

Blockchain: Een blockchain (soms in het Nederlands vertaald als blokketen) is een gedistribueerde database die een gestaag groeiende lijst bijhoudt van data-items die gehard zijn tegen manipulatie en vervalsing. Zelfs de beheerder van zogenaamde nodes kan deze gegevens niet vervalsen. Dit komt door het gedistribueerde systeem. Binnen dit systeem vindt er gegevensuitwisseling en verificatie tussen de nodes plaats. Dit gebeurt door middel van een consensus. Met een blockchain kan ervoor worden gezorgd dat een derde partij niet nodig is om de betrouwbaarheid van een transactie te waarborgen. Het is een serieus alternatief voor het uitruilen van diensten waarbij een banksysteem kan worden omzeild.

Circulaire economie: kringloopeconomie waarin eindige grondstofvoorraden niet worden uitgeput en waarin reststoffen volledig opnieuw worden ingezet in het systeem. De energie voor de kringloopeconomie is afkomstig van hernieuwbare bronnen, met name zon en wind.

Collectividualisme: concept om te beschrijven dat we elkaar stimuleren om tot individuele bloei te komen en daarmee optimaal bij te dragen aan het grotere geheel. Zie ook het boek ‘This is the AND. De toekomst voor beginners’, geschreven door Manfred van Doorn en Victor van Doorn (e-book).

Creative Commons: auteursrechten waarbij je anderen toestemming geeft om jouw werk te delen en gebruiken.

Deel-economie: De deel-economie is een socio-economisch systeem waarin delen en collectief consumeren centraal staat. Het gaat om gezamenlijk creatie, productie, distributie, handel en consumptie van goederen en diensten.

Destructieve verdienmodellen: manier van geld verdienen die een negatieve spiraal van vervuiling en vernietiging in werking zet.

Ecodictatuur: De zorg over het ontstaan van een dictatuur waarbij de bepalingen over wat goed is voor het milieu uitsluitend worden opgesteld door een kleine groep die eveneens de controle in de handen heeft, zoals de extreem-rijken of multinationals.

Ecologie van betekenis: een nieuw wereldbeeld waarin we de nadruk leggen op het zinvol bijdragen aan de samenleving door elk individu, en het verwerkelijken van een inclusieve, duurzame samenleving.

Externaliseren van kosten: schade die door producenten wordt veroorzaakt maar door de maatschappij als geheel wordt gedragen.

Flip the classroom: lessen digitaal volgen en deze in persoonlijk contact verwerken en verdiepen.

Foetocratie: de grondrechtelijke bescherming van komende generaties.

Geïnformeerd optimisme: problemen en urgentie onder ogen zien en toch positief zijn.

Gemeenschappen van hartstocht: mensen verbinden zich online met elkaar vanuit passie voor een onderwerp of levenswijze.

Geweldloze communicatie: communicatiemethode gebaseerd op de vier fasen van waarneming, gevoel, behoefte en verzoek.

Greening the Desert: Het groen maken of groen laten worden van de woestijn. Onder het woestijnzand liggen namelijk allerlei zaden van planten- en struiken die ontkiemen en vervolgens verzorgd moeten worden maar ook met rust gelaten. Dit betekent dat de westerse manier van omploegen van land en voren trekken dat in de woestijn de laatste decennia in toenemende mate was toegepast, funest is voor het vergroenen van de woestijn. Ook het actief planten van bomen in de woestijn kan worden verstaan onder vergroening.

Het aantal oorlogsdoden, armoede- en ziektegevallen neemt naar verhouding af: zie ook het werk van Hans Rosling.

Homo Faber, Homo Economicus en Homo Ludens: Respectievelijk ‘de werkende mens’, ‘de rationele, efficiënte mens’ en ‘de spelende mens’.

Karmapunten: Karmapunten zijn immateriële credits die mensen kunnen opbouwen als ze iets goeds doen, bijvoorbeeld als je bij Couch Surfing het huis van je gastheer/-vrouw goed achterlaat, of als je constructief commentaar geeft binnen een online netwerk.

Landgrabbing: Bij landroof laten nationale overheden land kopen of pachten door nationale en/of internationale investeerders ten koste van de bestaanszekerheid van lokale bevolkingen. In veel gevallen van landroof is er sprake van slechte registratie van eigendomsrechten en verkoopt de overheid stukken grond die door de lokale bevolking al generaties bewoond of geëxploiteerd wordt. Deze mensen moeten soms gedwongen verhuizen of hun bedrijven opdoeken.

Mandaatdragers: door de gemeenschap aangewezen autoriteiten die gemachtigd zijn om beslissingen te nemen namens de groep.

Peer-to-peer netwerken: Een peer-to-peernetwerk (of p2p) is een logisch netwerk van computers die in dit netwerk gelijkwaardig zijn, en diensten aan elkaar kunnen aanbieden. Een dergelijk netwerk kent geen vaste werkstations en servers zoals in het client-servermodel, maar heeft een aantal gelijkwaardige aansluitingen die functioneren als server en als werkstation voor de andere aansluitingen in het netwerk.

Planned obsolescence: het bewust inbouwen van een beperkte levensduur in producten.

Prosumentisme: Een consument die zelf ook produceert, vaak in het kader van duurzame energie-opwekking op de woonlocatie door middel van zonnecellen. Dat kan zowel voor eigen gebruik zijn als voor levering aan anderen. Het kan ook gaan over gedeelde auto’s, thuiskoks etc.

Restorative justice: rechtsgang waarbij slachtoffer en dader geholpen worden om de schade zoveel mogelijk te herstellen.

Slow Food: Is een organisatie die promoot: waardering van voedsel en een onthaaste benadering om te genieten van de maaltijd; kwaliteitsvoedsel, van nature rijk aan smaakstoffen en aroma’s; het stimuleren van verantwoordelijke, duurzame productiewijzen die mens, dier en milieu ontzien en respecteren; het beschermen van authentieke productiewijzen, uitzonderlijke producten en het gastronomisch erfgoed; ontwikkeling van lokale economieën en voedselgemeenschappen.

Stakeholder belang: het belang van alle mensen en dieren die door een onderneming worden beïnvloed meenemen in beslissingen.

Systemische weeffouten: structureel en moreel verkeerde aannames die op lange termijn leiden tot ontsporing van het systeem.

The Commons: visie waarin gemeenschappelijk beheer, diepe democratie en eerlijke toegang centraal staan, bijvoorbeeld energie, zorg- en voedselcoöperaties, Wikipedia en open source software.

The Ocean Cleanup: de onderneming van Boyan Slat van de Technische Universiteit Leiden om het plastic in de oceaan op te ruimen.

The Shock Doctrine (Naomi Klein): het opdringen van politieke veranderingen na schokkende gebeurtenissen zodat de bevolking niet in staat is om zich te verzetten.

Uitbesteding: het (vaak onbewust) anderen laten dragen van je eigen leed omdat je het zelf geen plek geeft.

Veerkracht: het vermogen van een organisme om na verstoring terug te veren en essentiële kenmerken te behouden.

Zero Marginal Cost Society (Jeremy Rifkin): toekomstvisie waarin goederen en diensten niet in bezit zijn, maar zeer goedkoop toegankelijk.

Wie zijn die duurzaamheidshelpers, van links naar rechts (achterkant poster):
Chief Seattle, Nikola Tesla, Rudolf Steiner, Carlota Perez, Michael Braungart, Winona LaDuke, Xiuhtezcatl Martinez, Vandana Shiva, John D. Liu, Russell Brand, Malala, Elon Musk, Thomas Piketti, Marianne Williamson, Wangari Mattaai, Polly Higgins, Boyan Slat, Ellen Johnson Sirleaf, Mahatma Gandhi, Melanie Klein, Julian Assange, Jeremy Rifkin, Arundhati Roy, Martin Luther King, Marianne Thieme, Hermann Scheer, Severn Suzuki en Charles Eisenstein.

Back to Top