7 + 1 Niveaus


7niveaus2

Het Double Healix Model beschrijft een cyclus die vele malen in ons leven terugkeert. Als we geluk hebben, zit in ons leven – naast fysieke groei- een geestelijke rijping. De cyclus is rond, maar na elke cyclus is er iets veranderd. Keer op keer bereik je een hoger niveau van bewustzijn en daarmee is de cirkel eigenlijk een spiraal.

We onderscheiden in het Model zeven plus één niveaus van ontwikkeling, zoals hieronder beschreven. Het is zeven plus één omdat er zeven aanwijsbare niveaus van ontwikkeling zijn en een onderliggend mythisch niveau dat ten grondslag ligt aan de andere zeven. Dit zogenaamde ‘nul-niveau’ is dus van een andere orde dan de zeven niveaus.

Deze niveaus vertegenwoordigen een toenemende complexiteit van ons bewustzijn en een telkens toegenomen souvereiniteit waarmee we in het leven staan (en daarmee een voorbeeld en inspiratie voor anderen worden). De niveaus volgen het principe van ‘transcend and include’. Dat wil zeggen dat de lagere niveaus gewoon blijven spelen terwijl we complexer bewustzijn aankunnen.

 

Niveau Beschrijving
7. Perplexiteit Mystiek, eenheid, verwondering
6. Simplexiteit Transcendentie, verzoening, beleid
5. Complexiteit Strategische en systeem oriëntatie
4. Relationaliteit Team ontwikkeling en leiderschap
3. Maximaliteit Competenties en basaal leiderschap
2. Sensationaliteit Sensorische en persoonlijkheidsontwikkeling
1. Simpliciteit Basis behoeften en ontwikkelingspsychologie
0. Universaliteit Archetypische en mythische basislaag

Niveau 0. Universaliteit
Ontwikkeling binnen de mythologische onderlaag. Deze tijdloze ‘Reis van de Held(in)’ vormt het fundament van het model. Deze laag is universeel en staat los van leeftijd omdat hij ons aanspreekt op een voorwoordelijk, instinctief bewustzijn. In elk van de ‘echte’ ontwikkelingslagen is deze oerlaag terug te vinden, ook omdat de mythe te beschouwen is als een condensatie van alle lagen van menselijke ervaring. Volgens sommige opvattingen is hij zelfs de bron ervan.

Niveau 1. Simpliciteit
Fundamentele ontwikkeling van de psyche (jeugd: 0 – 12 jaar) die onze basale behoeften omvat. Als kind worden we grotendeels bepaald door de zich manifesterende behoeften. Maar ook in de rest van ons leven sturen  behoeften – en de reacties die we met het voorzien in die behoeften opriepen – mee in ons gedrag.

Niveau 2. Sensationaliteit
Sensorische, karakterologische, sensuele en seksuele ontwikkeling (adolescentie: 12 – 24 jaar). Deze laag omvat onze manier waarop we de wereld met ons zenuwstelsel filteren en hoe de wereld zich kan vastzetten in ons temperament, karakter of persoonlijkheidstype. Ook omvat deze laag de manier waarop onze driften ons voortstuwen en energie leveren (en soms kosten). Deze energiebronnen transformeren zich gaandeweg van driften naar drijfveren.

Niveau 3. Maximaliteit
Ontwikkeling van competenties, kracht en macht (vroege volwassenheid: 24 – 36 jaar). Hier zien we de eerste duidelijke omvorming van onze behoeften en driften in de richting van wat functioneel en eenduidig is ten behoeve van het overleven. Ook leren we nu de basisprincipes van het leidinggeven (bij het opvoeden van jonge kinderen of het leiding geven aan medewerkers).

Niveau 4. Relationaliteit
Diepere relatievorming, opvoeden van oudere kinderen, teamvorming met teamrollen en ontwikkeling van teamleiderschap (volwassenheid: 36 – 48 jaar). Hier zien we de sublimatie van sociale vaardigheden die we nodig hebben om andere leiders leiding te kunnen geven en om onze intieme relaties over langere tijd vorm te geven. Het bewustzijn begint hier langzaam maar zeker tegenstellingen te omvatten. We leren immers dat een relatie alleen vruchtbaar is als we een stuk van onszelf inleveren. Eigenbelang wordt gaandeweg gemeenschappelijk belang.

Niveau 5. Complexiteit
Ontwikkeling van complex leiderschap (rijpe volwassenheid: 48 – 60 jaar), zowel naar binnen toe (vormgeven aan onze liefde, soevereiniteit en ons lot) als naar buiten (aan een – complexe – organisatie). We integreren tegenstellingen, hanteren paradoxen steeds bewuster en combineren een toegenomen besef van wat in essentie nodig is, met een toegenomen waardevrijheid. Het ego dat op niveau 4 haar hoogtepunt heeft bereikt, begint nu af te nemen ten gunste van een dienende houding naar het grotere geheel. We zijn als het ware aan de punt van de piramide van Maslow gekomen. We hebben onszelf bewezen en beginnen nu meer en meer onszelf weg te cijferen. Ons ego verdwijnt.

Niveau 6. Simplexiteit
Transcendent bewustzijn en hoog niveau van beleidsvorming (vroege ouderdom: 60 – 72 jaar). We stijgen boven onszelf uit en overzien de trage processen in culturele veranderingen. We overzien het verhaal, geven ons er aan over én nemen volledig eigenaarschap op ons. Morele en spirituele ontwikkeling houden gelijke tred met onze intellectuele ontwikkeling. Het vermogen om verantwoordelijkheid te nemen gaat gelijk op met de onthechting van materiële zaken. Ons bewustzijn wordt zo complex dat het weer eenvoudig wordt en ons beleid omvat steeds hogere vormen van verzoening van tegendelen. Een van de verschijningsvormen is dat hoe meer macht we hebben, hoe beter we beseffen hoe moeilijk en traag veranderingen kunnen worden geïmplementeerd. Met andere woorden op het niveau van de hoogste macht ontdekken we onmacht. Vergelijkbaar met deze paradox is dat we, naarmate we meer complexiteit kunnen overzien, steeds eenvoudiger gaan leven. We ontdoen ons leven steeds meer van onnodige franje.

Niveau 7. Perplexiteit
Ontwikkeling van mystiek bewustzijn (rijpe ouderdom: 72 jaar en ouder). Dit niveau benadert het meest de geheimen van de mythische nullaag, is er als het ware een hoger octaaf van. Het gaat om het vermogen waarmee we vol ontzag en overgave de wereld van de tegenstellingen in ons voelen oplossen. Met behoud van bewustzijn vallen we samen met wat we waarnemen. Met behoud van ons kritisch vermogen krijgt het dagelijks leven voor ons een mythische en mystieke lading. De letterlijke, tastbare wereld valt samen met de magische wereld van metaforen. De dood is nu nabij als een vriend.

Back to Top